De Belgische OCMW’s staan voor een nieuwe toestroom van hulpvragen nu opnieuw tienduizenden werklozen hun uitkering verliezen. De maatregel, die past binnen een bredere hervorming van de werkloosheidsverzekering, legt een groeiende druk op de lokale sociale diensten. OCMW’s trekken aan de alarmbel: zij dreigen de gevolgen te moeten opvangen van structurele tekortkomingen elders in het systeem.
Nieuwe golf van werklozen zonder uitkering
Op 1 april verloor een nieuwe groep van ongeveer 45.000 werklozen hun uitkering. Zij komen boven op een eerdere groep van circa 53.000 mensen die eerder al hun recht op werkloosheidssteun verloren¹. Deze evolutie kadert in een beleid waarbij werkloosheidsuitkeringen sterker in de tijd worden beperkt, met als doel mensen sneller naar werk te begeleiden.
Volgens prognoses kan het totaal aantal getroffen personen nog verder oplopen. Zo zouden tussen 2026 en midden 2027 naar schatting 88.500 mensen hun uitkering verliezen². Dit wijst op een structurele hervorming met langdurige impact op het sociale landschap.
OCMW’s als laatste vangnet
Voor veel van deze mensen blijft het OCMW het enige alternatief. Uit recente cijfers blijkt dat een aanzienlijk deel effectief bij de OCMW’s terechtkomt. Zo is ongeveer 37% van de werklozen die hun uitkering verloren, inmiddels aangewezen op een leefloon.
OCMW’s zien hun rol daardoor verschuiven van aanvullende hulpverstrekker naar primair sociaal vangnet. Lokale besturen signaleren dat zij steeds vaker dossiers moeten behandelen die vroeger door federale of regionale diensten werden opgevolgd.
“Wij moeten alles oplossen”
De kritiek vanuit de sector is scherp. OCMW’s geven aan dat zij de gevolgen dragen van tekortschietende begeleiding en opvolging in andere systemen, zoals de arbeidsbemiddeling en sociale zekerheid¹. Zij stellen dat problemen zich opstapelen en uiteindelijk bij hen terechtkomen.
De werkdruk neemt daardoor sterk toe. Niet alleen stijgt het aantal dossiers, ook de complexiteit ervan groeit. Mensen die hun uitkering verliezen, kampen vaak met bijkomende problemen zoals schulden, gezondheidskwesties of een grote afstand tot de arbeidsmarkt.
Spanningen tussen beleidsniveaus
De situatie legt ook spanningen bloot tussen verschillende beleidsniveaus. Terwijl de federale overheid inzet op activering en beperking van uitkeringen, worden de gevolgen deels doorgeschoven naar de lokale besturen.
OCMW’s vragen daarom bijkomende ondersteuning en een betere afstemming tussen beleid en uitvoering². Zonder extra middelen dreigt de kwaliteit van de hulpverlening onder druk te komen te staan.
Breder maatschappelijk risico
De stijgende instroom bij OCMW’s wijst op een risico op toenemende armoede. Wanneer mensen hun uitkering verliezen zonder snel werk te vinden, komen zij vaak terecht in een precaire situatie. Het leefloon ligt doorgaans lager dan een werkloosheidsuitkering, wat de financiële kwetsbaarheid vergroot³.
Bovendien kan een overbelasting van OCMW’s leiden tot langere wachttijden en minder individuele begeleiding, wat de kansen op herinschakeling op de arbeidsmarkt verkleint.
Conclusie
De hervorming van de werkloosheidsuitkeringen heeft duidelijke gevolgen op lokaal niveau. OCMW’s worden geconfronteerd met een groeiende instroom van hulpbehoevenden en een toenemende complexiteit van dossiers. Zonder bijkomende ondersteuning dreigt het systeem van sociale bijstand onder druk te komen te staan.
Bronnen:
- Het Nieuwsblad. (2026, april). OCMW’s vragen meer hulp nu nog eens 45.000 werklozen uitkering verliezen: “Wij moeten alles oplossen”.
- De Standaard. (2026, april). Bijna helft langdurig werklozen die uitkering verloor, krijgt leefloon.
- De Standaard. (2026, april). OCMW’s onder druk: “Andere diensten schieten tekort”.
- VVSG. (2026, maart 27). Derde golf doet druk op OCMW’s verder oplopen.
- FAQ's over de toelage die aan de OCMW's wordt toegekend om hen te ondersteunen na de hervorming van de werkloosheid online!

