Afschaffing medisch pensioen zet lokale besturen voor nieuwe HR-uitdaging

Door: Mensenwerken 1-6-2026

Categorieën
:
Overheid - kandidaat, Overheid - werkgever ,

Een van de meest ingrijpende onderdelen van de federale pensioenhervorming van 2026 is de geplande afschaffing van het klassieke pensioen wegens lichamelijke ongeschiktheid voor statutaire ambtenaren. Hoewel deze maatregel minder aandacht krijgt dan de discussie over pensioenleeftijden of pensioenberekening, kan de impact op het HR-beleid van lokale besturen aanzienlijk zijn.
Tot vandaag konden statutaire ambtenaren die definitief arbeidsongeschikt werden verklaard, onder bepaalde voorwaarden een pensioen wegens lichamelijke ongeschiktheid verkrijgen. Dit systeem vormde jarenlang een specifieke uitstroomregeling binnen de overheid voor medewerkers die hun functie niet langer konden uitoefenen om medische redenen.
Met de hervorming kiest de federale regering voor een andere benadering. De focus verschuift van definitieve uitstroom naar het maximaal benutten van de resterende arbeidsmogelijkheden van medewerkers. Re-integratie, aangepast werk, herplaatsing en interne mobiliteit komen daarbij centraal te staan.
Voor lokale besturen betekent dit een belangrijke mentaliteitswijziging. Waar langdurige arbeidsongeschiktheid vroeger in sommige gevallen kon leiden tot een medisch pensioen, zal voortaan veel sterker worden gekeken naar wat een medewerker nog wel kan opnemen binnen de organisatie.
Dat vraagt een actievere rol van HR-diensten, leidinggevenden en preventieadviseurs. Organisaties zullen vaker moeten onderzoeken of medewerkers kunnen terugkeren naar hun oorspronkelijke functie, tijdelijk aangepast werk kunnen verrichten of kunnen doorstromen naar een andere functie binnen het bestuur.
Ook de samenwerking tussen HR, arbeidsarts, leidinggevende en medewerker zal nog belangrijker worden. Re-integratie wordt immers geen uitzonderlijk traject meer, maar een structureel onderdeel van het personeelsbeleid.

Werkvermogen wordt de vraag

De hervorming sluit aan bij een bredere maatschappelijke evolutie waarbij werkvermogen centraal staat. Niet de vraag "hoe kan iemand de organisatie verlaten?" staat voorop, maar wel "hoe kunnen we iemand zo lang mogelijk duurzaam aan het werk houden?".
Voor lokale besturen komt deze wijziging op een belangrijk moment. Door de vergrijzing van het personeelsbestand, de toenemende arbeidsmarktkrapte en het stijgende aantal langdurig zieken wordt het behoud van ervaren medewerkers steeds belangrijker.
De afschaffing van het medisch pensioen maakt dan ook duidelijk dat duurzame inzetbaarheid, aangepast werk en interne mobiliteit niet langer louter welzijnsthema's zijn. Ze worden steeds meer strategische HR-instrumenten om kennis, ervaring en talent binnen de organisatie te behouden.
Voor HR-diensten betekent dit een duidelijke uitdaging: de focus verschuift van het beheren van uitstroom naar het actief ondersteunen van medewerkers om, ondanks gezondheidsproblemen, zo lang mogelijk een betekenisvolle plaats in de organisatie te behouden.

 

bron: Federale Pensioendienst, Pensioenhervorming van 2025–2029, 29 mei 2026